zondag 13 september 2009

De giraffe (2)

Na mij is de giraffe aan de beurt en ik vraag hem of hij wat kan laten zien van zichzelf.
Meteen laat hij zich hard rennend zien. Het is een prettige beweging, voel ik en hij vertelt het heerlijk te vinden om die grote stappen te maken. Ik vertel hem dat onze nek een stuk kleiner is dan die van hem.
‘Ja, sneu,’ vindt hij, ‘Ik moet er niet aan denken. Je kop op je schouder … vreselijk! Ik heb groots, weids uitzicht.’
Hij laat me voelen hoe majestueus het voelt en hoe hij in alle rust alle kanten op kan kijken. Ik merk dat het heel prettig is om vanaf zo hoog te kunnen kijken en veel te kunnen zien.
Ik zeg dat ik heel veel rust bij hem voel.
Hij beaamt dat en vertelt dat giraffen een ijkpunt zijn voor veel dieren. ‘Wij zijn er en wij zijn zichtbaar.’
Op mijn vraag of ze te vrezen hebben van andere dieren, antwoordt hij: ‘Als er genoeg voedsel is zijn wij geen interessante prooi.’
‘Je voelt je dus niet bedreigd?’
‘Helemaal niet.’
Ik vraag hem of hij nog wat te zeggen heeft.
‘Moet je ook es doen: vanaf een hoogte de mensen bekijken. Dat geeft nieuwe inzichten.’
Ik bedank hem voor het gesprek en hij vertelt het prettig gevonden te hebben.
Ik merk dat ik het moeilijk vind om afscheid te nemen van dit vriendelijke dier.
‘Zal ik dan maar verder gaan?’ vraagt hij en in mijn beeld zie ik hem omdraaien en gracieus wegstappen. Hij kwispelt even met zijn staart alsof hij met een lachje afscheid neemt.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen