donderdag 14 januari 2010

De kat en de rat



Vanochtend lag er een dode rat in het halletje. Ik was uitermate nieuwsgierig wat er gebeurd was tussen de kat en de rat. Niks schijnt te verdwijnen en het schijnt dat herinneringen niet in onze hersenen opgeslagen worden maar in een groter Veld. Volgens mij moet ik er dus achter kunnen komen wat er heeft plaatsgevonden tussen deze twee dieren. Ik vraag ze om de beurt naar hun kijk.

De kat laat meteen weten dat hij de rat aan ons wilde laten zien. Ze zegt dat ratten loeren. Ik weet van deze kat dat ze het als taak op zich heeft genomen om de omgeving ‘schoon te houden’. Ze beaamt dat dit inderdaad zo is en vertelt erbij dat haar zus gehandicapt is in het jagen. Te lomp. ‘Ik beweeg me als een veertje.’
Ze laat zien dat ze deze rat van achteren heeft gegrepen. Deze rat liep te dicht bij onze loopplank.
Ik vraag of er voor de kat een verschil is tussen een muis of een rat.
‘Het is hetzelfde principe,’ vertelt ze.
Ze is trots dat ze deze rat gepakt heeft en wilde ons laten zien waar ze ons voor behoed heeft.

Als ik contact maak met de rat vertelt hij dat het niet goed ging. Hij had honger en zocht eten.
Normaal gesproken kwam deze rat niet bij de trap en de loopplank maar honger dreef hem hierheen.
Hij geeft me het beeld dat hij als een roofdier rondsloop om te verkennen.
Ook hij geeft het beeld dat hij van achteren in de nek gegrepen is. Hij was te gefixeerd op de mogelijkheden van het schip om goed op te letten.
Ik vraag hem wat er gebeurde op het moment dat de kat hem greep.
‘Dan gaat het licht uit. Ergens anders ga je dan weer verder.’
Hij laat voelen dat de luchtpijp dichtgeknepen werd en dat er toen een knak was.
‘Dan weet je: het is hier gebeurd. Dan ga je verder.’
De rat vertelt nog wat rond te zweven. Daarna gaat hij door. Het lijkt of het nog niet zijn bedoeling was om te gaan: ‘Ik lette niet goed op. Het spel is afgelopen.’
Ik had de gelegenheid om het lichaam van de rat goed te bekijken en zag hoe mooi hij was. Met dat ik hem dat in een beeld meedeel, vertel ik hem ook dat mensen vaak bang zijn voor ratten en ze vies vinden.
‘Daarom laten we ons niet zien,’ vertelt hij. ‘Anders worden we verdelgd.’
De winter is zwaar in de zin dat er te weinig eten is.
‘Honger drijft je weg, maakt je onvoorzichtig.'
Stil blijven zitten en niet eten is hetzelfde als zelfmoord plegen, dus ratten moeten wel op stap, vertelt hij.
Hij zegt dat hij de tijd neemt om weg te gaan. Het ging hem allemaal een beetje (te) snel.
Net als bij het IJsselkonijn vraag ik wat ik met zijn lichaam moet.
‘Leg maar tussen de stenen en de struiken,’ antwoordt hij.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen