zaterdag 6 februari 2010

De steenmarter (3)

Als ik weer contact zoek met de marter ontmoet hij me buiten, niet in de rijhal. In tegenstelling tot de vorige keer laat hij zich nu helemaal zien.
‘Hoe doe ik het?’ is het eerste wat ik hoor.
Ik val weer helemaal voor dit vrolijke dier en vertel wat ik van de pensioneigenaar gehoord heb. Ik vraag ook wat hij over haar weet.
De marter laat in een beeld zien dat haar energie heel rustig en zorgvuldig over het hele terrein uitwaaiert, tot in het uiterste puntje van de laatste wei. Ook hij ontkomt dus niet aan haar en daarom kent hij haar.
Ik heb tegenzin om hem aan te spreken over zijn mogelijke verplaatsing naar het huis. Daarom leg ik hem in beelden uit dat muizen en marters niet welkom zijn in het huis en op de deel. Dat is echt van de mensen, net als hun spullen. Er is ruimte genoeg buitenshuis. ‘Bovendien is de natuur jullie leefterrein,’ voeg ik toe.
We maken een uitstapje naar woonwijken, waar marters soms veel schade aanrichten. Ik zeg: ‘Ik weet dat alle diersoorten hun eigen tamtam hebben. Kun jij andere marters niet uitleggen wat wij hier samen besproken hebben?’ Deze marter vertelt dat het moeilijker voor marters is om in woonwijken te wonen. De mensen hebben zich veel toegeëigend en de werelden lopen daarom door elkaar heen.
‘Leven in woonwijken en huizen geeft veel meer stress voor marters,’ vertelt hij, ‘De natuur, de vrijheid is beter voor ons.’
‘Maar hoe kunnen mensen marters dan buiten houden?’ vraag ik hem. In één beeld begrijp ik dat het hetzelfde principe is als bij de muizen: ze nemen de ruimte die ze kunnen nemen. Ze zijn terug te dringen door gedachteafbakening. En ik zie ook in een razendsnel beeld dat tuinen vaak te netjes zijn, te weinig natuurlijke verstopplekken hebben.
Ik heb zo’n zwak voor dit dier dat ik hem vertel dat ik hem vreselijk leuk vind.
‘Ik werk goed mee, hè?’ reageert hij jolig. ‘Maar vergeet niet: ik kan vrij zijn. Ik ben een vrije marter, hè, zonder stadstress!’

En naar aanleiding van de opmerking van deze marter over gedachteafbakening, gaat een spiritueel creatieve geest weer huppelen met dit begrip.

2 opmerkingen:

  1. Woorden die ik letterlijk binnenkrijg, zoals gedachteafbakening, schrijf ik ook letterlijk op. De grap is dat ik zelf ook 'viel' over dat woord, in de zin van dat ik het een opmerkelijk woord vind. Maar het is heel helder. Afbakening wil zeggen dat er geen 'vervuiling' optreedt. Misschien zegt het wel wat over het heldere denken van dieren, in dit geval de marter. Hij begrijpt dat de natuur zijn plek is en het huis de plek van de mensen. Ga je hierin vervagen, teveel toelaten, je grenzen (onbewust) verleggen dan creëer je ruimte. Die uiteraard ingenomen wordt. Misschien leren dit soort dieren ons wel helder van geest te blijven. Mét alle respect voor elkaar als grenzen overschreden zijn. Op een nette, natuurlijke, respectvolle manier de grenzen weer even goed trekken. Zo vatte ik het tenminste op bij nader doordenken over dit aparte woord/begrip.

    BeantwoordenVerwijderen