donderdag 23 februari 2012

Bruine rat (2)

Ons schip ligt niet altijd even vast en soms botsen we tegen de meerpalen. Op een bepaald moment irriteert me dat en ik denk aan de rat. ‘Rat?’ vraag ik. ‘Jij weer? Laat je me nou nooit met rust?’ Heerlijk, die knorrigheid. Ik herken het van een andere rat die ik eens sprak. ‘Nee, zolang jij hier aan boord bent wil ik graag dingen van je weten. Erger jij je niet aan dat botsen van het schip?’
Het dier laat zien dat de onrust van het botsen niet de directe grond om hem heen betreft. Het ligt verder weg dan zijn directe omgeving en daarom stoort het hem allerminst. Ik ben er even stil van als ik me realiseer hoe ver ik altijd van mezelf af zit met mijn aandacht.

’s Avonds sta ik in de motregen, met sigaar en fototoestel, in de wind te wachten tot de rat zich laat zien. Ik moet om mezelf lachen, maar geef het een kans. Je moet altijd wensen en hoop houden. Ineens schrik ik van een geluid naast me! Het is de kat die me miauwend staat aan te kijken. Ik zeg dat ik op rattenwacht sta en ze loopt de tuin in gaat meteen bij alle ingangen even snuffelen. Ze heeft het dus wel in de gaten, maar ja, als een rat onder de grond schiet is hij onbereikbaar voor de kat. We gaan maar weer naar de warme kachel.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen