maandag 15 maart 2010

De koninginnepage (2)

De vlinder wordt ’s middags samen met de kinderen zorgvuldig teruggebracht naar waar ze als rups gevonden is. Want het is een zij, hebben ze inmiddels ontdekt.
De vrouw mailde: ‘De vlinder heeft nog even bij ons op de hand gezeten. Haar pootjes kon je als heel kleine prikjes op je hand voelen. Daarna hebben we haar op een paal gezet. Daar hebben we haar gelaten. Ik denk niet dat ze veel kans maakt het te overleven. Het is veel te koud en er is niks te eten. Het is jammer, maar er valt weinig anders te doen, denk ik. Het was wel bijzonder allemaal maar toch ook wel een beetje verdrietig te weten dat het beestje eigenlijk geen kans maakt.’

Tijd om de vlinder weer op te zoeken. Ik ga naar het moment dat ze weggebracht werd naar haar oorspronkelijke plek. ‘Het was zo heerlijk buiten. Hier hoor ik,’ vertelt ze.
Ze heeft de zorg en aandacht van de mensen opgemerkt. Maar ze deelt hun zorg niet dat ze niet zal overleven. Ze laat me weten dat ze bij kou weinig beweegt. Dan verbruikt ze geen energie en haar bewustzijn daalt. Ze zit en wacht op betere temperaturen. Ik heb het gevoel dat het een koudbloedig dier is en als ik later op internet kijk, zie ik dat dat klopt.
De vlinder zegt dat ze in leven blijft. Ze gaat ‘wijs met energie om’.
Ik vraag haar of ze de mensen nog wat te zeggen heeft. ‘Ja. Niet weer rupsen binnenhalen. Het had me bijna mijn leven gekost.’
‘Maar de mensen hebben wel van je genoten …’ zeg ik. ‘Ik ben ook prachtig maar ik hoor niet binnen.’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen